Hoe benut je jouw Quarterlife?

Hoe benut je jouw Quarterlife?

Hoe benut je jouw Quarterlife?

Babs Geurts

 

Hoe benut je jouw Quarterlife: als vrijheid en zelf beslissen niet hetzelfde lijken te zijn?

 

Quarterlife staat voor de levensfase van mensen die tussen de 25 en 35 zijn.  Een fase waarin keuzes maken van levensbelang lijkt. Studie, werk, relatie, kinderen. Het is een fase waarin je vooral op relationeel level actief bent. Vertrouwen hebben bij relaties aangaan, een baan kiezen, netwerk, familie en vrienden. Wat maakt nou net deze fase uniek dat er een naam aan wordt gegeven? Wat zijn normale ontwikkelingen die horen bij deze fase en wanneer is er een crisis?

Een crisis is eigenlijk niets anders dan dat je dingen aan het doen bent, die niet of niet meer passen bij wie je bent. Stel je bent creatief, maar je wordt wakker in  een analytische baan. Of je bent heel extravert en bent terecht gekomen op een heel solistische baan. Misschien lijkt het wel of je stil staat in je carrière en ben je eigenlijk heel ondernemend.

 

Je hebt net je Master afgerond en je bent liever Master Barista.

 

Een crisis ontstaat ook omdat je je identiteit bent gaan ontlenen aan dat wat je doet.

Je bent een party-animal, en daardoor kun jij je niet veroorloven in je joggingspak op de bank te zitten met een kopje thee. Of je bent ambitieus, waardoor het absoluut not done is als jij 4 dagen per week zou gaan werken. En toch….. Of je bent heel sociaal en je gunt je zelf geen tijd alleen om op te laden. Misschien ben je wel lui, en ben je gaan geloven dat het niet aan jou is om te gaan sporten terwijl je als kind juist altijd graag in beweging was.

Je bent niet wat je doet

Als je in een crisis zit, herken je dat aan keuzes uitstellen of constant overal bij moeten zijn, FOMO ( Fear Of Missing Out),  Hyperactivatie (altijd ‘aan’ staan) of juist niet meer op gang kunnen komen (altijd ‘uit’ staan) slaapproblemen, huilbuien, angstklachten tot paniekaanvallen, burn-out, bore-out en sociaal isolement tot depressie, je ervaart geen vrijheid en je hebt het gevoel je niet verder te ontwikkelen.

 

Een gezonde ontwikkeling van de quarterlifefase heeft te maken met de behoefte aan TROUW, de behoefte aan relaties anders waar jij zelf voor kiesten met de behoefte aan verbinding en intimiteit. De psycholoog Erikson kwam erachter dat juist mensen in deze levensfase trouw als kwaliteit ontwikkelen om op een gezonde manier te ontwikkelen richting volwassenheid. Een gezonde ontwikkeling hierin is dat je eerst leert trouw te zijn aan jezelf, en daarna aan een ander.

 

Eerst TROUW ZIJN AAN JEZELF daarna aan een ANDER.  

 

Dus de buitenwereld schreeuwt om mogelijkheden voor jou om een connectie met je te maken. En hoewel je alle vrijheid hebt inmiddels om te kiezen waar je wel of niet op reageert, kun je zelf geen beslissing nemen. Je hebt van binnen geen idee waar je op kunt vertrouwen. De enige houvast die je hebt zijn signalen uit de wereld om je heen. Social Media, Vrienden, Reizen, influencers, een (bij)baan, Netflix. Het lukt op een of andere manier niet om afscheid te nemen van je oude vrije leven dat je had toen een studie een doel op zich was en  grote mensen verantwoordelijkheden heel ver in de toekomst lagen.

En ineens lijken nieuwe verantwoordelijkheden en de behoefte aan vrijheid niet samen te gaan.

De Quarterlifefase draait volledig om trouw te leren zijn aan jezelf, ruimte en vrijheid ervaren bij keuzes die jij maakt en weer zelf beslissen over jouw ontwikkeling.

 

Zodra je weer keuzes gaat maken vanuit wie jij bent en trouw bent aan jezelf, gaat jouw energie stromen en ga je precies die relaties aan waardoor jij je persoonlijk verder kan ontwikkelen.

Over tijdsdruk en innerlijke grenzen versterken

Over tijdsdruk en innerlijke grenzen versterken

Over tijdsdruk en innerlijke grenzen versterken

Babs Geurts

 

Hoe omgaan met tijdsdruk en je vrij voelen alles te maken heeft met het versterken van grenzen van binnenuit.

 

Mijn dochter zit in groep 5 en heeft het geluk dat de juf die ze had in groep 4, is meegegaan. Deze juf is fantastisch. Ze is tijdens het kwartiergesprek volledig gericht op mijn dochter. Als moeder hang ik er eigenlijk een beetje bij en dat geeft mij de kans eens heerlijk achterover te gaan zitten. Het gesprek is een soort coachgesprek met vragen als “waar wil je aan werken?” Die vraag is thuis aan bod geweest en mijn dochter geeft aan dat ze last heeft van herrie in de klas. En zo gebeurde het dat de juf op een mij maar al te bekend thema komt: concentratie en prikkels.

De kinderen werken in tijdsblokken met een kleur. Rood betekent zelfstandig werken. Oranje betekent dat je mag fluisteren. Groen betekent dat je samenwerkt en elkaar helpt. Dit laatste duurt ongeveer 5 minuten, terwijl ze op de andere twee momenten in totaal wel 30 minuten in stilte werken. En al snel blijkt dat mijn dochter het over de groene 5 minuten heeft wanneer ze thuiskomt met de vraag:

“mama, ik wil een koptelefoon, want ik heb last van herrie”

 Mijn aandacht is gewekt.

De eerste gedachte die ik krijg is dat het inderdaad wel lekker rustig voor haar zou zijn. Ze is nou eenmaal best gevoelig. En al snel merk ik dat ik vooral mijn eigen innerlijke struggle voel van de momenten dat het mij in het hier en nu niet lukt om mijn aandacht te verdelen door prikkels om mij heen.

Oké, terug naar mijn dochter. Wat is nou het probleem dat deze koptelefoon voor haar gaat oplossen? Ik vraag mij af hoe ze dan gaat leren om te gaan met tijdsdruk en prikkels. Want nu is het school, later is het werk, de tram, de trein, de studiezaal, de sportvereniging, de feestjes, de festivals. De prikkels zijn overal.

Haar weghouden van prikkels zorgt er niet voor dat zij weet hoe zij in al deze situaties met soortgelijke prikkels om kan gaan. En heeft ze minder keuzevrijheid. En vrijheid is voor mij een belangrijke waarde die ik wil meegeven en is belangrijk voor haar om nieuwe ervaringen op te doen.

Met een koptelefoon ga ik mijn dochter leren hoe zij van buitenaf haar grenzen bewaakt..

Ons van buitenaf begrenzen doen we eigenlijk de hele dag door. En niet alleen met koptelefoons. Ook door afspraken af te zeggen, omdat je bang bent dat het te druk voor je is; oordopjes tegen het snurken van je partner; geen sociale plekken opzoeken zoals café’s;  zelfmedicatie om alles te dempen;  controle door regels te bedenken; door een ander voor te zijn. Zo nam ik altijd heel graag het initiatief. Aanval is de beste verdediging. Dat deed ik ook met grote beslissingen. Het uitmaken met vriendjes bijvoorbeeld. Ik kon ze maar beter voor zijn, dat doet minder pijn. Maar nou lijkt het net alsof ik zeg dat het dragen van een koptelefoon leidt tot bindingsangst, en dat gaat wel wat ver.

Een uitgangspunt bij coaching is dat de oplossing niet ligt in het bestrijden van het probleem.

Gelukkig hebben we het in dit verhaal over een fantastische juf. Die zegt tegen mijn dochter: “zullen we eens kijken wat je in de tijd doet dat je zelfstandig werkt, voordat je gaat samenwerken?” En ik denk JA! Want kennelijk gebeurt daar iets, of liever gezegd iets niet, waardoor zij in die laatste 5 minuten teveel onder druk staat. Aan de ene kant komt ze erachter dat ze haar werk af had moeten hebben en had willen hebben. En ik vermoed dat ze het ook in een keer helemaal perfect had willen doen. En tegelijk komen er allemaal gezellige kletsende kinderen naar haar toe om samen te werken, om hulp te vragen. Iets waar zij heel blij van wordt.

Dat alles leidt bij haar tot stress. Stress! Stress die ervoor zorgt dat de prikkels nòg harder binnenkomen. Waardoor zij nòg meer stress ervaart, waardoor de prikkels nòg harder binnenkomen.

Het wegnemen van die prikkels zorgt wel voor minder prikkels  maar lost niet op waar haar stress door wordt veroorzaakt namelijk die interne strijd tussen ‘ik heb mijn werk nog niet af hou je mond! Versus ik wil zo graag gezellig meedoen’.

Het kwartiergesprek loopt op het eind en weet je nog, dat het hier ging om een fantastische juf? Zo een die dus tegen mijn dochter zegt dat ze sámen elke dag, ELKE DAG, (en van binnen doe ik jippie! Ze gaat met mijn dochter ELKE DAG!), individueel afspreken hoe ze in de tijd waarin ze zelfstandig werkt zich leert concentreren op het afmaken van taken. Net zo lang tot dat zij het alleen kan! Zodat ze die laatste 5 minuten zich vrij voelt om lekker mee te doen, elkaar te helpen en samen te werken.

En ik denk “Tadaa:  De oplossing ligt altijd ergens anders dan bij het probleem zelf”

En na (precies) een kwartier zie ik een juf die kijkt naar “wat werkt wel voor jou”. En zie ik een meisje dat gaat groeien. Dat zelfvertrouwen krijgt. Die nieuwe manieren en keuzes leert maken, zodat ze vrij is om mee te doen in plaats van zich hoeft af te zonderen.

Die leert haar grenzen en mogelijkheden van binnenuit te versterken.

 

En opnieuw ga ik even terug naar mijn innerlijke struggle die ik eerder voelde. En denk “had ik dit maar op die leeftijd kunnen uitpuzzelen”. Had dat mij even een heleboel energie gescheeld. Èn een heleboel vriendjes.